Over mijn werk

 

 

 

Deze website toont een overzicht van mijn werk sinds 2008, aangevuld met enkele oudere werken. In deze jaren heb ik mij beziggehouden met tekenen en schilderen, en met het vervaardigen en presenteren van installaties en ruimtelijk werk. De schilderkunst speelt, in al haar variaties, nog steeds een centrale rol in mijn werk.
De tekeningen en schilderijen zijn te beschouwen als abstracte, voorstellingsloze werken, waarin ik probeer, op een associatieve manier met lijnen, vorm en eventueel kleur, tot een adequaat beeld te komen.

Het ruimtelijke werk heeft zich ontwikkeld binnen de installatiereeks Alles in Ordnung (2008-2011). Ik heb hierin naar hartelust onderzoek gedaan naar de bruikbaarheid als beeldend middel van een grote diversiteit aan “onkunstige” materialen en voorwerpen uit het dagelijks bestaan. De serie Zielen -speculatieve prototypen uit 2010 vormt hiervan een glanzend voorbeeld.

In 2012 heb ik op uitnodiging van de Kunstverein Grafschaft Bentheim in Neuenhaus (D) een grote sculptuur vervaardigd voor de binnentuin daar, getiteld Open mind/keine Ahnung. Dit werk was het eerste in een reeks grote buitenbeelden, zoals Société fermée (2014) en Verloren, niet gevonden (2016). Deze beelden zijn in de afgelopen jaren meerdere keren tijdens diverse zomertentoonstellingen te zien geweest, o.a. in de Hortus te Haren, Open Stal in Oldeberkoop en Kunstmoment Diepenheim.

Verder heb ik in de loop der tijd verscheidene kleine, beschilderde houten objecten gemaakt. Daarnaast en daarna reeksen van aquarellen, inkt- en kleurpotloodtekeningen, waarin zich beelden ontwikkelen die zich aan de soms weerbarstige beperkingen van hout en ijzer onttrekken. 

De serie Van dun hout (2014-2017) bestaat uit een groot aantal, uit dun triplex gesneden en in transparante lagen beschilderde vormen, die in hun voorkomen het midden houden tussen object en schilderij.

De nieuwste stap wordt gevormd door de serie Frames, sinds eind 2017, waarbij het dunne hout wordt geplaatst in, of op strakke ruimtelijke constructies. Ze worden als wandobject gepresenteerd. Aan de orde is hier o.a. de vraag naar de zichtbaarheid van het beeld. Is één oogopslag genoeg?
En: is het frame een stoorfactor of deel van het beeld, of allebei?
Maar ook in dit concept staat weer het intuïtieve onderzoek naar de mogelijkheden van de schilderkunst centraal.

Bernard Divendal, juni 2018